Hyperlinken: wat mag nou wel en wat niet?

Mag hyperlinken naar een auteursrechtelijk beschermd werk (zoals beschermde artikelen, foto´s of video´s) nu wel of niet?

Het Hof van Justitie deed daarover een belangrijke uitspraak op 13 februari 2014 in de zaak Svensson / Retriever.

Uit die uitspraak komt het volgende naar voren:

1.⇥Hyperlinken naar publiek toegankelijke website mag

Het is toegestaan om op de eigen website een hyperlink te plaatsen naar een door de auteursrechthebbende geplaatst auteursrechtelijk beschermd werk op een andere website, wanneer die website vrij toegankelijk is voor het internetpubliek. Datzelfde geldt voor embedded links naar die vrij toegankelijke website.

Wanneer de auteursrechthebbende het werk zelf vrij toegankelijk maakt op een bepaalde website, dan mag worden aangenomen dat hij daarmee de bedoeling heeft gehad om het werk aan alle bezoekers van die website beschikbaar te maken. Dat geldt dan dus ook voor gebruikers die via een op een andere website geplaatste hyperlink op die website terecht komen.

Bijvoorbeeld (embedded) linken naar een publiekelijk beschikbaar filmpje op Youtube filmpje mag.

2.⇥Hyperlinken naar website voor abonnees mag niet

Het is niet toegestaan om een hyperlink te plaatsen naar een auteursrechtelijk beschermd werk op een andere website wanneer die website niet vrij toegankelijk is voor het publiek. Hyperlinken kan dus niet naar auteursrechtelijk beschermde werken die bijvoorbeeld alleen voor (betaalde) abonnees toegankelijk zijn. In dat geval kan er namelijk niet van uit worden gegaan dat de auteursrechthebbende de bedoeling had om het werk aan alle gebruikers van diens website te tonen, alleen aan de abonnees. Voor hyperlinks naar dat soort werken is de toestemming van de auteursrechthebbende nodig.

In feite zou het dan gaan om werken die door omzeiling van beschermingsmaatregelen (“illegale” kopieën dus) aan het publiek ter beschikking worden gesteld. Dit betekent bijvoorbeeld dat (embedded) linken naar een illegale kopie van een Netflix film niet mag.

3.⇥Mag hyperlinken naar een op een andere website “doorgeplaatst” werk?

De vraag is of het is toegestaan om een hyperlink te plaatsen naar een auteursrechtelijk beschermd werk dat één-op-één is doorgeplaatst van de oorspronkelijke, publiekelijk toegankelijke website waarop het was geplaatst naar een andere website. Ik ga er daarbij van uit dat er niet een (wettelijke) uitzondering geldt waaronder wel mag worden doorgeplaatst, zoals in het kader van citeren en ook dat de rechthebbende geen toestemming heeft gegeven voor het doorplaatsen.

Het Hof laat zich hier niet met zoveel woorden over uit. Toch denk ik dat het mogelijk is om die vraag met behulp van het arrest te beantwoorden. Tot die conclusie komt ik als volgt.

Hyperlinken mag niet bij bereiken van nieuw publiek

Voor hyperlinken naar een beschermd werk is volgens het Hof alléén toestemming van de rechthebbende nodig als daarmee een nieuw publiek wordt bereikt. Voor de vraag wanneer met het hyperlinken een nieuw publiek wordt bereikt is beslissend of de auteursrechthebbende dat publiek voor ogen had toen hij het betreffende werk publiceerde.

Geen nieuw publiek bij linken naar site oorspronkelijke mededeling

In de zaak die tot het arrest leidde stelde het Hof vast dat daar geen sprake was van een nieuw publiek. Het ging daar om hyperlinks naar de website waarop de werken met toestemming van de auteursrechthebbende waren geplaatst. De doelgroep van die plaatsing bestond volgens het Hof uit alle potentiële bezoekers van die website.

Wanneer alle gebruikers van de website waarop de hyperlinks staan, rechtstreeks toegang hebben tot de werken “op de website waarop deze oorspronkelijk werden medegedeeld”, dan moeten de gebruikers van de website waarop de hyperlinks staan worden beschouwd als mogelijke ontvangers van de website waarop ze oorspronkelijk werden medegedeeld. Zij zijn en onderdeel van het publiek dat door de houders van het auteursrecht in aanmerking werd genomen toen zij toestemming verleenden voor de oorspronkelijke mededeling.

Dat betekent niet alle websites waarop de werken staan

Naar mijn mening is van belang dat het Hof vaststelt dat de doelgroep van de oorspronkelijke mededeling op de website bestond uit alle potentiele bezoekers van die website. Naar mijn mening kan hieruit dus niet zonder meer worden afgeleid dat dit ook geldt voor andere websites waarop de werken zijn doorgeplaatst, dus niet die “waarop het oorspronkelijk werd medegedeeld”.

Andere websites: nieuw publiek?

Er is naar mijn mening zeker wat voor te zeggen dat wanneer de auteursrechthebbende werken op een publiekelijk toegankelijke website plaatst of laat plaatsen, het publiek dat hij daarbij in aanmerking neemt bestaat uit bezoekers van die website, en niet ook op bezoekers van andere websites waarop dat werk staat, tenzij blijkt dat die bedoeling wel bestond.

Als bijvoorbeeld RTL op de eigen website een publiekelijk toegankelijk filmpje plaatst, is daarmee dan gezegd dat ze voor ogen had dat het filmpje (niet op basis van toegestane uitzonderingen) wordt gekopieerd en doorgeplaatst naar een andere website, zoals Youtube? Dat lijkt mij niet. Voor het linken naar dat soort websites zou dan de toestemming van de auteursrechthebbende nodig zijn.

GeenStijl vs. Playboy/Britt Dekker – wie wint er nu eigenlijk?

Is hyperlinken door GeenStijl naar foto’s die elders op internet stonden een openbaarmaking en daarmee inbreuk op auteursrecht? De rechtbank vond van wel (vonnis), het hof van niet (arrest 19 november 2013). Gelukkig.

In het najaar van 2011 kreeg GeenStijl een anonieme ‘linktip’. Daarbij werd verwezen naar een Australische site voor dataopslag (Filefactory.com) met een bestand waarop naaktfoto’s van Britt Dekker te zien waren. Die foto’s waren bestemd voor de Playboy, die nog moest verschijnen. In PowNews werd diezelfde dag gemeld dat de foto’s waren uitgelekt. Dat leidde tot het verzoek van Sanoma (uitgever van Playboy) de foto’s niet via GeenStijl (de site) te laten uitlekken. GeenStijl zou GeenStijl niet zijn als zij dat een dag later tóch deed: via een hyperlink kon de bezoeker de foto’s downloaden. Sommaties van Sanoma haalden niets uit, integendeel. Er verschenen nog meer hyperlinks op de site van GeenStijl, zowel geplaatst door GeenStijl zelf als haar ‘reaguurders’. Saillant detail is wel dat ook Britt Dekker zélf via Twitter een link plaatste naar een Mexicaanse site waarop de foto’s te vinden waren.

Een en ander leidde tot een procedure bij de rechtbank Amsterdam. Het vonnis van de rechtbank leidde tot veel opschudding in onder meer journalistiek en juridisch Nederland. De rechtbank oordeelde namelijk:

“4.16. Nu volgens de rechtbank in de onderhavige, specifieke omstandigheden sprake is van een bewuste interventie door GeenStijl, waarmee een nieuw publiek wordt bereikt en die vanuit een winstoogmerk heeft plaatsgevonden, leidt dit tot het oordeel dat GeenStijl de fotoreportage openbaar heeft gemaakt. GeenStijl heeft inbreuk gemaakt op de auteursrechten op de fotoreportage, nu deze openbaarmaking zonder toestemming van de auteursrechthebbende heeft plaatsgevonden.”

Oftewel: door het hyperlinken door GeenStijl naar een site die voor ‘het publiek’ niet toegankelijk of niet vindbaar zou zijn, werd een nieuw publiek bereikt. Omdat GeenStijl bovendien handelt vanuit winstoogmerk, is het aanbrengen van de hyperlink aan te merken als auteursrechtinbreuk.

GeenStijl ging in hoger beroep. Het hof Amsterdam oordeelde anders. Het hof achtte niet bewezen dat de inhoud van de opgeslagen bestanden op Filefactory.com onvindbaar en onbereikbaar waren voor het publiek. Die bestanden waren dus al openbaar gemaakt. Het aanbrengen door GeenStijl van de hyperlink betekent dus geen (nieuwe) openbaarmaking en dus geen auteursrechtinbreuk. Daar kan ik me volledig in vinden.

Maar daarmee zijn we er nog niet. Het hof vindt dat GeenStijl namelijk wél onrechtmatig heeft gehandeld. GeenStijl wist namelijk dat publicatie van de foto’s op Filefactory.com onrechtmatig was. Enerzijds omdat een anonieme tipgever haar op de link had gewezen maar vooral omdat Sanoma haar daarop had gewezen. GeenStijl handelt onrechtmatig door het geenstijlpubliek te faciliteren en te enthousiasmeren kennis te nemen van de foto’s op internet waardoor het portretrecht en de privacy van Britt Dekker en het auteursrecht van de fotograaf zijn geschonden, aldus het hof. GeenStijl zal de schade van Sanoma en Britt Dekker moeten vergoeden. Het hof merkt daarbij wel nog op dat het feit dat Britt Dekker ook zelf via Twitter een link naar de foto’s heeft verspreid, kan leiden tot een ‘eigenschuldverweer’.

Tja, en dan zijn we weer bij de eerste vraag: wie heeft er nu eigenlijk gewonnen? GeenStijl in juridische zin, maar Sanoma als het om de knaken gaat. GeenStijl claimt de overwinning in ieder geval (lees hier).