Aanbieders jeugdhulp in het gelijk gesteld in kort geding tegen 10 gemeenten

10 gemeenten in de regio Haaglanden, waaronder de gemeente Den Haag, zijn in april 2019 een gezamenlijke procedure gestart voor inkoop van jeugdhulp voor de periode 2020-2024. Volgens de gemeenten zijn de door hen in die inkoopprocedure gehanteerde tarieven reëel en noodzakelijk om de jeugdhulp efficiënter en effectiever te maken.

Lees het volledige nieuwsbericht op de website van de Rechtspraak hier.

Willemijn Ritsema van Eck, specialist aanbestedingsrecht, heeft in deze procedure tegen 10 gemeenten in de regio Haaglanden 44 vrijgevestigde jeugdtherapeuten bijgestaan. De vrijgevestigde therapeuten zijn allen postdoctoraal opgeleid en zijn met een gezamenlijke omzet van circa 6 miljoen zowel kwalitatief als kwantitatief een belangrijke pijler onder de jeugdzorg in deze regio. Naast de kwestie over de te lage tarieven – waar de rechter de klagende partijen over in het gelijk heeft gesteld – spelen er nog meer problemen bij de inkoopprocedure van deze 10 gemeenten. Zo houden zij zich niet aan de regels in de wetgever over de privacy van cliënten. Ook over dit vraagstuk adviseert Legaltree, waarbij tevens Simona Tiems, specialist gezondheidsrecht, is betrokken.

Beschouwingen naar aanleiding van het Achmea-arrest van het Hof van Justitie EU

Artikel M.C. van Leyenhorst, ‘Beschouwingen naar aanleiding van het Achmea-arrest van het Hof van Justitie EU’, TvA 2019/65, JCDI:ADS92104:1.

Op 6 maart 2018 wees het Hof van Justitie EU arrest in de zaak Achmea/Slowakije (zaak C-284/16, ECLI:EU:C:2018:158). Het arrest, dat in TvA 2018/39 (deels) is gepubliceerd, heeft belangrijke gevolgen voor intra-EU investeringsarbitrage. Arbitrage op grond van intra-EU investeringsverdragen (BITs die zijn gesloten tussen twee lidstaten van de EU) is met deze uitspraak een stuk lastiger, onzekerder en kostbaarder geworden. Het arrest heeft dan ook tot veel ophef geleid. In de Nederlandse vakliteratuur zijn al vele annotaties en commentaren op het arrest verschenen. Ook internationaal is er veel over geschreven. In deze bijdrage wordt ingegaan op de mogelijke gevolgen van het arrest voor verschillende varianten van intra-EU investeringsarbitrages.

Lees het volledige artikel hier.

Op huur lijkende overeenkomsten (practice note)

W. Lever, ‘Practice Note “Op huur lijkende overeenkomsten”’, in: OpMaat Huurrecht+, Sdu (online vanaf 9 september 2019).

Ga naar Sdu OpMaat Huurrecht+

Rome II-verordening en verjaring

Bij internationale niet-contractuele vorderingen waarop Rome II van toepassing is valt het verjaringsrecht op grond van artikel 15h binnen de werkingssfeer van het toepasselijke recht. Is het recht van een ander land van toepassing dan zal een gunstigere wettelijke regeling van de verjaring in het land waar de procedure gevoerd wordt en waar het slachtoffer woonachtig is in principe niet worden beschouwd als uitzondering in de zin van artikel 16 Rome II. Artikel 16 Rome II wordt strikt uitgelegd. Artikel 28 van Richtlijn 2009/103/EG bevat geen collisieregels in de zin van artikel 27 Rome II.

Annotatie HvJ EU C-149/18, 31-01-2019, ECLI:EU:C:2019:84 (Da Silva Martins) in  AV&S 2019/33.

Lees het artikel

‘Het regelen van Europese letselschades vergt specialistische kennis en strategisch inzicht’

Verkeersongevallen in Europa. Een interview met Antoinette Collignon in Letselschade.nu i.v.m. de Kerckebosch cursus Europees recht en verkeersongevallen op 5 november 2019.

Lees het interview hier.

Arbeidsongeval en artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet

Artikel ‘Arbeidsongeval en artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet’ in Gevaarlijke Lading 3, juni 2019.

Het ‘kapstokartikel’ 32 Arbeidsomstandighedenwet wordt vaak ten grondslag gelegd aan een zaak tegen de werkgever na een arbeidsongeval. Kerncriterium voor toepassing van dit artikel is de bewezenverklaring dat de werkgever wist of redelijkerwijs had moeten weten dat hij zijn werknemer blootstelde aan levensgevaar of ernstige schade aan de gezondheid. Met een fictieve casus, gebaseerd op de praktijk, wordt nader ingegaan op dit ‘wetenschap’-criterium.

Lees het volledige artikel hier.

Product liability 2019 – Antoinette Collignon en Carolien van Weering

https://iclg.com/practice-areas/product-liability-laws-and-regulations/netherlands

Rustig aan, ik heb haast!

Artikel ‘Rustig aan, ik heb haast!’ in Het Tijdschrift voor de Politie, 8 april 2019.

Elisa Benhaim is advocaat/partner bij De Haas Advocaten in Rotterdam en is gespecialiseerd in strafzaken. Zij neemt deel aan de advocatenpoule die is opgericht voor specialistische rechtsbijstand aan politieambtenaren. Als advocaat in politieverkeersstrafzaken werd ze uitgenodigd om deel te nemen aan de  ‘PRVT’, de Politierijvaardigheidstraining. Hieronder blikt ze terug op deze bijzondere dag.

Lees het volledige artikel hier.

Schikkende ondernemingen in het vizier

Artikel ‘Schikkende ondernemingen in het vizier’ in Cobouw 22 maart 2019.

De overheid onderzoekt hoe schikkende ondernemingen kunnen worden uitgesloten van aanbestedingen door de overheid. Aanleiding hiervoor is onder meer de recente schikking van ING voor een bedrag van €775 mln.

Lees het hele artikel hier.

De Nederlandse proceskostenveroordeling: (nog steeds) een obstakel

Artikel M. Driessen, ‘De Nederlandse proceskostenveroordeling: (nog steeds) een obstakel’, BMM 2019/1, 13 maart 2019.

In dit themanummer mag een bijdrage over de proceskostenveroordeling in IE-zaken natuurlijk niet ontbreken. In de ruim tien jaar nadat de eerste proceskostenveroordeling werd uitgesproken in Nederland, gebaseerd op de daadwerkelijke kosten, is het een onderwerp van voortdurende discussie geweest met tal van (kritische) artikelen, een proefschrift en tot op heden één arrest van het HvJ EU tot gevolg. De regeling inzake de ‘volledige’ proceskostenveroordeling heeft sinds de introductie in Nederland in 2006 ook zelf verschillende wijzigingen doorgemaakt. Vandaag de dag worden niet meer automatisch de opgevoerde, werkelijke proceskosten toegewezen, maar worden deze begrensd door gemaximeerde IE-indicatietarieven waaraan de meeste rechters zich houden. Dat is mooi, zou je zeggen, want dan weet iedereen waar hij aan toe is. Maar is dat wel zo? Nee, is mijn stellige antwoord.

Lees het volledige artikel hier.