Berichten

Auteursrecht: over quotes (RUMAG), foto’s en andere content die je van internet haalt

In hoeverre mag je foto’s, quotes en andere content hergebruiken?

Er is de afgelopen dagen heel veel over te doen geweest: RUMAG struint steevast het internet af op zoek naar teksten die ze in hoofdletters EN.MET.EEN.PUNT.ERTUSSEN op shirts en andere items drukken en onder hun eigen naam verkopen. Voor voorbeelden, zie het Twitteraccount @RuMagNietStelen dat het ‘plagiaat’ van RUMAG aan de kaak stelt. In deze Coronacrisis gaat RUMAG er vrij prat op dat ze met de verkoop van hun producten (de zogeheten ‘Corona Collectie’) ook geld ophalen voor het Rode Kruis. Dat en onder meer het feit dat ze met verwensingen reageren op iedereen die kritiek uit op hun werkwijze, heeft niet echt een positief imago opgeleverd. Het bedrijf heeft inmiddels half Twitterend Nederland en diverse media over zich heen gekregen en heeft het zelfs zover geschopt dat Arjen Lubach zijn programma daar op 29 maart 2020 aan wijdde. Tot ongenoegen van RUMAG, dat overigens zelf niet onder stoelen of banken steekt allerlei teksten van anderen te gebruiken, gewoon omdat dat kan en omdat ze niet inzien wat daar nu zo erg aan is. Wat op internet staat, is toch immers vrij te gebruiken?

Grote vraag is natuurlijk of dat wat RUMAG doet – afgezien van het morele aspect – juridisch gezien ook echt niet door de beugel kan, of dat het eigenlijk wel meevalt. Die vraag moet worden beantwoord aan de hand van het auteursrecht en kan worden doorgetrokken naar bijvoorbeeld foto’s en andere content die van internet wordt geplukt om vervolgens op een eigen website, sociale mediakanaal of product te worden gebruikt. Juist in deze tijd, nog meer dan anders, lijkt niemand zich meer echt af te vragen of knippen en plakken van internet wel is toegestaan. Allerlei beelden worden zonder aarzeling gekopieerd en gepubliceerd. Aan auteursrecht wordt vaak niet gedacht, laat staan aan het risico dat daarvoor op een zeker moment betaald moet gaan worden. Maar veel van dit soort content is wel degelijk beschermd door het auteursrecht en dat kun je vaak dus niet zonder toestemming gebruiken (lees: kopiëren en/of publiceren).

Auteursrechtelijke bescherming geldt voor alle oorspronkelijke creaties waarvoor persoonlijke keuzes zijn gemaakt. Voor een uitgebreidere uitleg verwijs ik onder andere naar dit blog.

Mag je foto’s van anderen zomaar gebruiken?

Foto’s worden in verreweg de meeste gevallen als creatief, oorspronkelijk werk gezien waarbij de fotograaf persoonlijke keuzes heeft gemaakt. Bijvoorbeeld voor wat betreft het onderwerp van de foto, welke sfeer een foto uit moet stralen, de compositie, de hoek van waaruit de foto wordt gemaakt, de belichting, het diafragma en de sluitertijd. Daarnaast maakt een fotograaf vaak in de nabewerking allerlei creatieve keuzes. Dat maakt dat foto’s in verreweg de meeste gevallen beschermd zijn door het auteursrecht en dat de rechthebbende, vaak de fotograaf, anderen kan beletten zijn of haar foto’s te gebruiken. Wordt zo’n foto toch zonder toestemming gebruikt, dan zal daar een vergoeding tegenover moeten staan. Géén boete – zoals vaak gedacht wordt – maar de reële geleden schade moet vergoed worden. Die bestaat vaak uit een misgelopen licentievergoeding. En daarnaast een extra vergoeding als de naam van de fotograaf/bron niet vermeld is of als de foto bewerkt is door de inbreukmaker. In dat soort gevallen zijn namelijk (ook) de persoonlijkheidsrechten van de fotograaf geschonden. Als er geen reguliere licentietarieven zijn voor de desbetreffende foto waarmee de schade kan worden bepaald, wordt vaak aangesloten bij de tarieven van Stichting FotoAnoniem.

Het is niet zo dat een foto áltijd een auteursrechtelijk beschermd werk is. Sommige foto’s zijn zo’n natuurgetrouwe weergave van het gefotografeerde onderwerp dat van een creatief werk geen sprake meer is. Dat is vaak het geval bij productfotografie. Voor een voorbeeld, zie hier. Maar ook de gemiddelde foto van bijvoorbeeld de Eiffeltoren zal vaak geen auteursrechtelijk werk zijn, omdat er daarvan al zóveel gelijke foto’s door anderen zijn gemaakt dat van een oorspronkelijk werk met persoonlijke keuzes geen sprake zal zijn (al zullen er zeker ook Eiffeltorenfoto’s zijn die wel degelijk auteursrechtelijk beschermd zijn). Dat werd door de Rechtbank Amsterdam ook geoordeeld voor een serie alledaagse, banale foto’s (die uitspraak leidde overigens wel tot behoorlijk wat kritiek).

Ook als een foto wel auteursrechtelijk beschermd is, betekent het gebruik daarvan overigens niet automatisch een inbreuk op het auteursrecht. Er zijn uitzonderingen op de hoofdregel ‘gebruik zonder toestemming = inbreuk’. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een geldig citaat (NB: bronvermelding is in dat geval hoe dan ook vereist) of van gebruik in de privésfeer. Maar als je een foto van internet haalt om die vervolgens als versiering te gebruiken op je eigen site of producten, zit je meestal aan de verkeerde kant.

Mag je teksten en quotes van anderen zomaar gebruiken?

Ook voor teksten en andere content geldt dat er sprake kan zijn van een auteursrechtelijk beschermd werk dat je dus niet zomaar, zonder toestemming, op je eigen site, of producten (zoals die van RUMAG) mag gebruiken. Korte teksten en quotes, zoals ‘Zo. Nu eerst een Bavaria’ zijn alleen vaak zó algemeen dat van bescherming via het auteursrecht geen sprake is. Daar kan geen monopolie voor worden geclaimd. Zo kan de door RUMAG gebruikte tekst ‘IK.WIL.NAAR.HUIS.’ bijvoorbeeld, of ‘AANGESPOELDE.WALVIS.’ best zijn gekopieerd van iemand anders, maar deze quotes zijn zo algemeen dat daar geen auteursrecht op zal rusten. Ook het bekritiseerde gebruik door RUMAG van de quote ‘WIJNEN.WIJNEN.WIJNEN.’ (afkomstig van het origineel van Martien Meiland: ‘Half 12, wij gaan wijnen, wijnen, wijnen’, dat is ingeschreven als Beneluxmerk) zal naar mijn mening niet via het auteursrecht zijn tegen te houden. Ik acht de kans overigens (ook) klein dat dat via het merkenrecht anders zal zijn.

Gebruik van ‘JOE. JOE.’ door RUMAG op shirts en dergelijke, is een ander verhaal. JOEJOE is namelijk ingeschreven als Benelux-merk door Slam!-dj Bram Krikke. Het merk is ingeschreven voor onder andere kleding, is geen normale aanduiding (dus niet ‘beschrijvend’) en daardoor een sterk merk. Gebruik door RUMAG van dit fantasiemerk op haar shirts en andere items is bepaald niet zonder risico. Dat heeft RUMAG inmiddels ook aan den lijve ondervonden: RUMAG is aangesproken op inbreuk door Krikke, zo kopte onder andere het AD en was te zien bij RTL Boulevard. Het bedrijf heeft de JOE.JOE.-collectie offline gehaald. Als JOE JOE niet als merk was geregistreerd, was het voor Krikke een stuk lastiger geweest de collectie van RUMAG tegen te houden. Bijzonder kleine kans dat op deze twee woorden auteursrecht rust.

Tegen gebruik van alledaagse teksten zal de ‘rechtmatige eigenaar’ op basis van het auteursrecht aldus niet zoveel kunnen doen. Ánders wordt het als teksten langer en origineler zijn, waarbij er dus meer creatieve keuzes (kunnen) zijn gemaakt, en als ze minder in ons alledaagse taalgebruik passen. Dan wordt het oppassen geblazen, want dan kan het hergebruiken van een tekst, net als een foto, je wel eens duur komen te staan. Oók in deze crisistijd. Gelukkig heeft RUMAG aangegeven daar een potje voor te zullen maken.


In de praktische handboeken voor ondernemers ‘IE in Bedrijf’ lees je alles over auteursrecht en inbreuk, met tal van voorbeelden uit de praktijk. In de laatste twee delen (5 en 6), IE in Bedrijf – Online en IE in Bedrijf – Inbreuk op IE-rechten, wordt uitgebreid ingegaan op het inbreukmakend gebruik van foto’s en andere content, wat fotografen en rechthebbenden daaraan kunnen doen, maar ook hoe je je als aangesproken partij kunt verweren tegen claims. De serie is te koop bij de reguliere en online boekhandels (bijvoorbeeld: managementboek.nl) zowel in hard cover als eBook. Kijk voor een (gratis) te downloaden inkijkexemplaar op de website IE in Bedrijf.

Verheijen vs. Naturalis – Hebben architecten ook rechten?

Links: het ontwerp van Fons Verheijen. Rechts: het ontwerp van Neutelings Riedijk. (bron: dearchitect.nl)

Vorige week las ik het bericht in de Volkskrant dat het Leidse museum Naturalis een gedaantewisseling zal ondergaan. Voor velen zal dat wellicht niet heel opzienbarend nieuws zijn, maar de architect die het gebouw van Naturalis heeft ontworpen, Fons Verheijen, heeft aangekondigd naar de rechter te zullen stappen. Hij vindt namelijk dat het nieuwe ontwerp – van het Rotterdamse Neutelings Riedijk Architects – zijn gebouw ‘verminkt’. Op basis van zijn ‘persoonlijkheidsrechten’ wil Verheijen de verbouwing tegengaan.

In de Auteurswet is een artikel opgenomen dat in dit soort zaken door architecten meestal wordt ingeroepen: artikel 25. Dat gaat over de zogeheten persoonlijkheidsrechten. De maker van bijvoorbeeld een bouwwerk kan zich op basis daarvan verzetten tegen wijziging van dat bouwwerk (op voorwaarde dat dat redelijk is) maar ook tegen misvorming, verminking of anderszins aantasting indien dat nadeel oplevert ten aanzien van zijn naam, eer of hoedanigheid.

Lange tijd is er discussie geweest over de vraag of een architect zich kan verzetten tegen de algehele sloop van zijn bouwwerk, wat dus veel verder gaat dan ‘alleen maar’ een wijziging. Pas in 2004 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de algehele sloop géén aantasting van het werk oplevert in de zin van artikel 25 van de Auteurswet. Dat betekent niet dat een architect nooit iets zou kunnen doen tegen de sloop, maar dat behandel ik nog wel een keer in een ander blog.

In dit specifieke geval – Verheijen vs. Naturalis – gaat het echter niet om de sloop van het gebouw maar om een wijziging in het ontwerp. Die wijziging heeft wel een reden: het Zoölogisch Museum (Amsterdam) en het Nationaal Herbarium Nederland gaan namelijk samen met Naturalis, waardoor een uitbreiding van de ruimtes in Naturalis nodig is. En dat is mogelijk de reden dat Verheijen bakzeil zal halen bij de rechter. Er moet namelijk een afweging van belangen plaatsvinden. Dat Naturalis uitgebreid wordt en meer ruimte nodig heeft, lijkt me een reden een verbouwing toe te staan ondanks de rechten van de architect. Daarbij kan wél een rol spelen – zo leert de architectenrechtspraak – dat als de verbouwing minder ingrijpend zou kunnen plaatsvinden, dat ook zou moeten. En in ieder geval zou de architect dan een (schade)vergoeding moeten krijgen. Ook lijkt uit de rechtspraak te volgen dat de eigenaar van een bouwwerk eerst contact moet zoeken met de architect om de plannen te bespreken. Of daarvan sprake is in dit geval is mij niet bekend.

Of  Verheijen het gaat redden in een rechtszaak is dus de vraag. Volgens een artikel op dearchitect.nl niet. Maar: ook de toonaangevende ‘zebrabrug’ (zie afbeelding linksboven) gaat verdwijnen. En of dat een noodzakelijke wijziging is?